nederlandwordtanders.nl

Woonvariaties geven meer kleur aan vergrijzing

jun. 2017

Het artikel ‘Klaar voor de grote vergrijzing’ in de Volkskrant 31 mei 2017 gaat in op de prijsvraag ‘‘Who Cares’ van de Rijksbouwmeester. Hoe maken we onze naoorlogse wijken – gebouwd voor gezinnen - geschikt voor een vergrijzende samenleving? 174 teams van ontwerpers, zorgprofessionals en burgers hebben ideeën ontwikkeld; de eerste selectie is bekend. Opvallend is de grote aandacht voor meer gemeenschappelijkheid, ontmoeting in de buurt en contact tussen jong en oud. Hoogleraar Pearl Dykstra is huiverig voor gedwongen samenwonen. Sociaal Gerontologen Daniëlle Harkes en Yvonne Witter, beide werkzaam bij Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg, zien veel nieuwe woonvormen waar ontmoeting tussen bewoners, al dan niet vanuit verschillende generaties, wordt nagestreefd door de initiatiefnemers zelf.

In Zwolle is de bouw van de eerste Knarrenhof in april van start gegaan, in Nijmegen gaat na zeven jaar voorbereiding, meergeneratie woongemeenschap het Eikpunt haar tweede jaar van bewoning in, het aantal woonprojecten voor ouderen die (dreigen te) vereenzamen zoals de Thuishuizen in Amstelveen en Harderwijk en het net geopende Samen Thuis in Gemert groeit gestaag. En dit is nog maar een klein greep uit de projecten die het Kenniscentrum Wonen-Zorg langs ziet komen. Er is een groeiende behoefte aan woonvormen die aansluiten bij de gevarieerde woonwensen van ouderen.

Het besef dat de overheid niet meer alles regelt voor je oude dag en dat het zinvol is om zelf na te denken hoe je oud wilt worden in je eigen buurt of dorp groeit. Een nieuwe generatie bereidt zich voor op een volgende levensfase en wil mee blijven doen, van betekenis zijn en niet achter de geraniums belanden. De betekenis van familie als vanzelfsprekende steun en toeverlaat neemt af. Jan Latten, hoogleraar demografie aan de Universiteit van Amsterdam laat keer op keer zien dat het aantal alleenstaanden de komende jaren nog fors zal groeien; ook onder ouderen neemt het aantal echtscheidingen toe. Familieverbanden worden kleiner, minder of geen kinderen betekent ook minder kleinkinderen. Met name oudere, laagopgeleide alleenstaande mannen hebben een grotere kans op sociaal isolement. Latten ziet kansen voor kleinschalige en collectieve woonvormen: ‘Verbondenheid in ongebondenheid’.

‘Architecten moeten wegblijven van de sociale structuur van de wijk’, vindt Dykstra; ‘cohesie opleggen werkt niet’. Dat laatste zijn we hardgrondig met haar eens maar wat als (toekomstige) bewoners zelf die cohesie zoeken? En de architectuur en publieke ruimte daar onopvallend aan bijdragen? De woongemeenschap in Lent is daar een voorbeeld van. Jong en oud helpen elkaar een handje. De architectuur is zodanig dat bewoners elkaar op natuurlijke wijze tegenkomen. Bewoners staan aan het roer. Dat was in het begin wennen voor de betrokken corporatie, aannemer en architect maar gedurende het proces begonnen de professionals zelfs in hun vrije tijd mee te helpen met de bouw. Het bevorderen van sociale cohesie is een doel geweest van de initiatiefnemers en is geslaagd. Ouderen voelen zich weer onderdeel van de gemeenschap. Jongeren voelen zich erkend en gezien.

Of wat te denken van het recent geopende wooncomplex De Eijk in Hoofddorp waar een bont gezelschap ouderen woont? Twintig van de 86 woningen zijn bestemd voor de woongemeenschap van oudere migranten. De groep is multicultureel en bestaat uit ouderen die afkomstig zijn uit Somalië, Marokko, Jordanië, Palestina, Suriname, Irak, Iran en Nederland. De jongste is 55 jaar en de oudste bewoonster is ruim negentig. Ze organiseren allerlei activiteiten die open staan voor de andere bewoners uit het complex. Vooral de gezamenlijke maaltijden zijn in trek. Geen gedwongen cohesie maar zin om iets te beleven en onder de mensen te zijn.

Voor het langer zelfstandig wonen van ouderen is het bouwen aan sociale netwerken belangrijker dan het aanpassen van woningen, stelde we begin dit jaar tijdens een bijeenkomst van woningcorporaties en zorgorganisaties. Deze uitspraak kreeg veel weerklank. Eenzaamheid, toenemende kwetsbaarheid, kleine of ontbrekende netwerken; zorg- en corporatiemedewerkers zien het bij de bewoners in hun wijken. Mooi dat ook de ontwerpteams voor de prijsvraag dit vraagstuk meenemen. En hoewel we eerlijk toegeven dat ook bij ons een zekere ‘buurtmoestuinmoeheid’ optrad bij het lezen van de ingestuurde plannen, zijn wij warme voorstanders van architectuur die ruimte biedt aan wonen waarbij sociale cohesie organisch kan groeien.

Daniëlle Harkes
Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg
d.harkes@kcwz.nl